Geef je gezondheid niet uit handen!|info@scienceinhealth.eu

Hebt u meer kans op een burn-out? Het antwoord zit in je genen.

//Hebt u meer kans op een burn-out? Het antwoord zit in je genen.

Hebt u meer kans op een burn-out? Het antwoord zit in je genen.

Hebt u meer kans op een burn-out? Het antwoord zit in je genen.

 

We horen meer en meer signalen dat een burn-out één van de grootste bedreigingen geworden in voor onze actieve beroepsbevolking. Maar waarom horen we de laatste jaren meer en meer over deze aandoening? En waarom hebben sommige mensen meer kans op een burn-out en andere schijnbaar niet? Een kijkje in ons DNA geeft ons al meerdere antwoorden.

In periodes van stress zit ons lichaam in vecht-vlucht modus. Deze modus is gekenmerkt door een secretie van catecholamines, specifiek norepinefrine en epinefrine. Onder de bevolking beter gekend als adrenalines. Deze adrenalines zijn enerzijds werkzaam als neurotransmitter en anderzijds als hormoon in onze bloedsomloop. Evolutionair gezien is deze modus van ons lichaam slechts van korte duur. Langdurige stress op het werk leidt echter tot te lange verhoging van deze neuromodulator. Dit is voor ons lichaam slechts gedurende een beperkte tijd vol te houden, daarna is het uitgeput en gaat het in een soort shut-down.

Hoe komt het nu dat de éne persoon bij eenzelfde blootstelling aan stress veel sneller een burn-out zal krijgen dan een andere? Daar is de link met onze genen. Die adrenalines worden door ons lichaam afgebroken door twee enzymes: monoamine oxidase (MAO) en catechol-O-methyltransferase (COMT). De werking van het enzyme wordt gecodeerd door het MAO en COMT gen. Er zijn nu echter verschillende varianten (zie dit als mutaties) van deze genen die veel voorkomen. Neem het COMT gen: ongeveer 25% van de bevolking heeft een genetische variant die de werking van het enzymen sterk vertraagd. Dit wil dus zeggen dat een kwart van de bevolking veel meer moeite heeft met een afbreken van deze stress neuromodulator. Deze veel tragere afbraak maakt dat het lichaam niet zo snel tot rust komt en dus steeds langer in die vecht-vlucht modus blijft hangen in vergelijking met mensen met een snellere variant.

Het enzymen COMT heeft magnesium nog als cofactor om te kunnen functioneren. Een algemeen tekort aan magnesium in de Westerse bevolking door ons slecht voedingspatroon, draagt dus alleen bij op het risico op een burn-out. Daarnaast zijn er tegenwoordig een heel aantal chemische stoffen terug te vinden in sommige cosmetica, verzorgingsproducten, plastics (weekmakers), … waar we mee in contact komen. Deze stoffen moeten ook afgebroken worden door die COMT enzymen, waar het al aanschuiven is.

Met het betaalbaar en zeer toegankelijk worden van DNA analyses, is een snelle check van welke variant een persoon heeft van het COMT en MAO gen, mogelijks wel interessant als preventieve screening op de vatbaarheid voor een burn-out. Bedrijven die interesse hebben in zo een DNA analyse tool kunnen terecht bij Genopartner.com, die dergelijke testen ontwikkeld voor andere.

By | 2019-04-09T08:08:53+00:00 April 9th, 2019|Epigenetica|0 Comments